LDH in gewrichtsvocht
Uitvoerend laboratorium

Hoofdlabo Waregem

RIZIV nomenclatuurcode

545370 - 545381 B 80 Doseren van glucose (Maximum 1) Klasse 6

Wetenschappelijke achtergrond

Ofschoon zowel exsudaten als transsudaten uittredend vocht met daarin opgelost materiaal zijn, is het ontstaansmechanisme heel anders: Een exsudaat ontstaat door een plaatselijke oorzaak, zoals een ontsteking. Een transsudaat ontstaat door oorzaken elders, zoals verschillen in hydrostatische druk of osmotische druk. Transsudaten bevatten daardoor veel minder eiwit. Datzelfde geldt ook voor LDH .  Als een vloeistof meer dan 20 g/l eiwit bevat of de dichtheid is meer dan 1,012 kg/l dan is het waarschijnlijk exsudaat; beneden die grenzen is het waarschijnlijk transsudaat. Voor een LDH bepaling   wordt gesteld dat bij een LDH-activiteit van meer dan 60% van die in het serum of bij meer dan 200 U/l, er sprake is van exsudaat.

Referentiewaarden
M V
<460 <460
Eenheid

U/l

Methode

kinetische spectrofotometrische analyse