Leptospirose screening
Waarom wordt deze test uitgevoerd?

opsporen van leptospirose (ziekte van Weil)

Wetenschappelijke achtergrond

Leptospiren zijn spirocheten. Leptospiren treden via wondjes of slijmvliezen van mond, neus of ogen, mogelijk door water verweekte huid, actief het lichaam binnen. Daar verspreiden ze zich in het bloed en de organen. Er ontstaan beschadigingen van weefsels; vasculaire schade, met als gevolg onder andere nier- en levercelbeschadigingen, meningitis, myositis; en daarmee gepaard gaande symptomen zoals bloedingen, geelzucht en verminderde urineproductie, spierpijn, hoofdpijn. Rond de zevende tot tiende ziektedag verdwijnen de leptospiren uit de bloedbaan en de weefsels maar zij blijven nog enige tijd aanwezig in de nieren.
Incubatieperiode: 2 tot 30 dagen, meestal 7 tot 12 dagen.
De ernst van ziekte kan variëren van subklinisch of griepachtige klachten tot  dodelijke vormen. Het merendeel van de infecties verloopt asymptomatisch of mild. Symptomen kunnen overeenkomen met die van een groot aantal andere infecties, bijvoorbeeld influenza, hepatitis, gele koorts, dengue, hantavirusinfectie, meningitis, pneumonie, rickettsiose en malaria. Er kan zich in de immuunfase een aseptische meningitis ontwikkelen. De meest gesignaleerde symptomen  zijn koorts, spierpijn, hoofdpijn, koude rillingen, diarree, braken en verminderde urineproductie. De meest voorkomende bevindingen zijn icterus, conjunctivale vaatinjectie, hepato-megalie, meningeale prikkeling, lymfadenopathie en splenomegalie. Elke combinatie van deze symptomen en bevindingen kan duiden op leptospirose.
Minder dan een op honderd infecties leidt tot ernstige leptospirose waarbij meestal ziekenhuisopname noodzakelijk is. Ongeveer 10% van de ernstige leptospirosen is levensbedreigend. Ongeveer 3% van alle gerapporteerde gevallen heeft een dodelijke afloop.  Persisterende klachten gedurende maanden tot jaren na acute ziekte, vooral over malaise, moeheid en depressie, zijn beschreven.
DIAGNOSTIEK:
Directe diagnostiek: Indien de patiënt korter dan 11 dagen ziek is kan directe diagnostiek verricht worden op EDTA bloed (5 ml) met een kwantitatieve RT-PCR. Deze PCR is ook toepasbaar op andere materialen zoals serum, urine, en liquor. Tevens kunnen leptospiren gekweekt worden, echter heeft de diagnostiek weinig toegevoegde waarde voor de therapie omdat de uitslag vaak weken tot maanden duurt. Indien de ziekteverschijnselen korter dan 11 dagen bestaan kunnen leptospiren gekweekt worden uit heparinebloed bij ziekteverschijnselen die 4-10 dagen bestaan uit liquor en vanaf ± de tiende ziektedag tot een maand uit de urine (gewassen midstream). Het heeft de voorkeur om de urine zo snel mogelijk in te zetten omdat leptospiren snel afsterven (liefst binnen 2 uur). Eventueel kan de urine pH neutraal gemaakt worden door er  natriumbicarbonaat aan toe te voegen.
Indirecte diagnostiek: Onafhankelijk van de ziekteduur wordt naar specifieke antistoffen gekeken in serum (of evt liquor). Specifieke antistoffen na ± 5 à 7 ziektedagen zijn aantoonbaar met behulp van serologische testen zoals de microscopische agglutinatie test en ELISA.